Radi!

De MiR is naar een stroomnaad gepeddeld. Want juist daar, op de overgang van snel stromend water en rustig water, verwachten we snoekbaars. En als die daar niet zit, dan starten we de buitenboordmotor om halverwege het eiland te gaan vissen.
We starten daarom de penta, de buitenboordmotor. Er gebeurt helemaal niets. Nou ja, het zweet staat op Rudi’s rug van het rukken aan het startkoord. Laten we maar zeggen ‘meer voor mannen’, maar dan zonder het bijbehorende motorgeluid

We moeten noodgedwongen op min of meer dezelfde plek blijven vissen, want de Donau stroomt flink. Daar kun je met de peddel niet tegen op. En de kans op snoekbaars is eigenlijk nul. Ook dat nog.

Die dag vangen we niks. Maar het is heerlijk op het water. Met een warm zonnetje en lekker kabbelend in je bootje op de Donau.
Andere vissers hebben ook niks gevangen, want daar vraag je altijd naar.

Tussen haakjes: als andere hengelaars ook niks hebben buitgemaakt, dan vind je dat eigenlijk heel erg fijn! Dan wordt er niet aan je hengelkunst getwijfeld, want de meester-visvangers hebben ook niks. Toegeven dat je niks hebt binnen gehengeld, is wel moeilijk. Dat merken we in de praktijk. Soms alleen maar een wegwerp armgebaar als je er naar vraagt. Of: uh uh. En zij vinden het fijn als jij ook niks hebt gevangen. Zeker weten!

tomos4_webIn de bunker staat de buitenboordmotor die niet wil starten. Rudi vindt dat het na een week wel eens tijd is om dat ding weer aan de praat te krijgen. Komt mooi uit, want het heeft drie dagen achter elkaar geregend. Dus in de boot ligt zeker 150 liter water te wachten om eruit gehoosd te worden. Bovendien ligt hij half op het droge, omdat de Donau weer aan het zakken is.

Marija ontfermt zich over de boot. Eerst hozen, want dat scheelt op zijn minst 150 kilo water. Daarna wrikt ze hem met een boomstam de Donau in. Knap werk, Marija. Tarzan, zoals we haar ook wel noemen omdat ze zo sterk is, pakt weer uit.

Linksboven zit het trekkoord. Het huis ervan schroef je los en dan smeer je de metalen veer. Hij doet het nu weer zoals het hoort

Rudi neemt ondertussen de penta onder handen. Hij ziet vanuit zijn ooghoek dat Marija het achteranker een paar flink ver de Donau in moet gooien. Zij zal ook wel zweet op haar rug hebben.
Met een injectiespuit, van de lasbuurman geleend, vult hij de cilinder met benzine. De bougie blijkt nat te zijn van olieresten. Dus de carburator is na lang niet gebruikt te zijn, vooral gevuld met olie. De benzine is verdampt. En dan wil de bb-motor echt niet starten.

Maar met de injectiespuit-truc doet de penta het. Flinke witte rookwolken komen eruit. De olie is aan het verbranden. Heel kort doet ie het, want dat beetje benzine is snel verbruikt. We weten nu dat de penta te starten is.
Nu nog de olie uit de carburator zien te krijgen. Dus die wordt losgehaald. Een schroevendraaier en een klein hamertje om hem los te tikken zijn daarvoor nodig.

Op internet vinden we een handleiding voor de Tomos 4, in het Joegoslavisch

Op internet vinden we een handleiding voor de Tomos 4, in het Joegoslavisch

Gelukkig heeft Rudi een handleiding van de penta. En die heeft hij van te voren wel even gelezen. Zo weet hij welke schroeven er los moeten en hoe de choke met twee schroevendraaiers kan worden losgemaakt. En hoe het luchtfilter eraf moet.

En nadat alles weer vastgeschroefd is, volgt de test. Rudi trekt een paar keer aan het startkoord en hij doet het! Juich, juich. Als de witte wolken uit de uitlaat zijn opgetrokken, volgt er een mooie verbranding. Dat ziet er prima uit. Klaar, gerepareerd. Hiep hiep hoera.

Marija roept vanaf de ‘breg’, 50 meter boven de bunker, ‘Kom naar huis, Rutsko! Het is veel te koud!
Maar bij Rudi loopt het zweet van zijn voorhoofd. Hij heeft het helemaal niet koud.
Hij roept terug: Maro, penta RADI! (de buitenboordmotor doet het!)
Op de terugweg naar huis, met een koude wind recht in je gezicht merk je dat het inderdaad koud is. Brrr, gauw naar huis. Naar de kachel. Met een voldaan gevoel, want de penta doet het weer!

Dit bericht is geplaatst in Vissen. Bookmark de permalink.