Zesentachtig

Marijke is natuurlijk niet alleen maar voor “de verwarmingsradiator in de keuken” terug gegaan naar Holland. Ingewijden weten dat ze zich helemaal verzorgd voelt op het flatje in Rotterdam. Ze hoeft namelijk geen hout te halen om de kachel brandend te houden. Hier hebben we centrale verwarming.

De befaamde keukenradiator  Dit is hem dan

In Surduk niet. Daar gaat ze in weer en wind, zin of geen zin, naar buiten, om een paar emmers met hout te vullen.

Maar Ruud dan? Die had het in het begin van het stookseizoen nog niet erg door. Voor hem leek het alsof er gewoonweg centrale verwarming is in Surduk. Quod non. “Centralno grejanje?” zegt Marijke. “To sam ja! Dat ben ik!”

Sinds dat moment heeft hij zich, met wisselend succes overigens, ook gewijd aan het binnenslepen van houtblokken. Maar hij is er, ondanks zijn inspanningen in weer en wind, niet in geslaagd om het ontstane beeld bij Marijke te veranderen. Het blijft een plusje op zijn min-lijst.

Keukenthermostaatkraan  Dus zit ze lekker met haar rug tegen de keukenradiator in Rotterdam. Het summum van geluk. Het symbool van opperste verzorging. Centrale Verwennerij, zullen we maar zeggen.
Grappig, net zoals in Surduk, is de keuken in Rotterdam het centrale punt van ons huis. Terwijl het eigenlijk wat ruimte betreft, een pijpenlaatje is.

Verwennen zit hem blijkbaar in je hoofd en is niet aan een plek gebonden. Hoewel, Marijke zit nooit tegen een radiator in de woonkamer. Centraal verwennen doe je dus in de keuken.

Oude station van Baarn

We zijn ook terug gekomen om de verjaardag van Ruud’s moeder te vieren. Zondag hebben we dat in “de Generaal” gedaan. Een heel leuk Eethuijs-Café in Baarn.

Bij binnenkomst valt Ruud meteen op dat “Trix” uit het lood hangt. Vanaf het moment van de aanslag vorig jaar heeft ze het niet makkelijk, dus we begrijpen deze aanblik wel.
Met een korte, snelle beweging van zijn rechterwijsvinger heeft hij de majesteit weer op haar plek gekregen. Achter hem hoort hij dochterlief instemmend hummen. Even flitst het door zijn hoofd: ging het bij alle vrouwen maar zo gemakkelijk.

Rond 1870 staat Prins Hendrik van Oranje, Hendrik de Zeevaarder, grond af voor de geplande spoorlijn tussen Amsterdam en Amersfoort. Met als voorwaarde dat er een station in Baarn komt. Met, ja ja, een aparte wachtkamer voor het gewone volk. Voor ons dus.

En in dat Koninklijke station, nu “de Generaal”, zitten wij lekker te eten en te genieten van “het met zijn allen bij elkaar zijn”. Een mooie traditie, die ma al jaren volgt en waar de familie grote moeite voor doet om aan te schuiven.

“De Generaal” is vernoemd naar de luitenant-generaal Van Heutsz. Een militair dus en in 1904 benoemd tot gouverneur-generaal van Nederlands-Indië. Hij heeft daar ondermeer het eiland Bali bloedig veroverd en de  onafhankelijke heerschappij van de sultans in de Atjeh-oorlog (1873-1912) met veel bloedvergieten gebroken.

Als je op internet deze koloniale vaderlandse geschiedenis erop na leest, dan rijzen je de haren te berge. Wat een wreedheden hebben wij Nederlanders begaan. En wat hebben we deze pikzwarte pagina’s netjes uit onze vaderlandse geschiedenisboekjes weten te weren…

Het lijkt de Balkan wel…

Met zijn allen in De Generaal Een deel is plassen …

Marijke zit naast ma. En ze slaat af en toe een arm om haar schoonmoeder. “Hoe gaat het?” vraagt ze. “Goeoeoed” antwoordt ze.  “Wat zou u het liefst willen, ma?”. “Naar huis”, zegt schoonmama resoluut. Met koontjes, die in hoog tempo rood aan het worden zijn. Hoge bloeddruk. Ze is eigenlijk na een half uur “bij elkaar zijn” al moe. Maar ze houdt het vol, omdat wij er “met zijn allen zijn”.

Keukenthermostaatkraan  Wij hebben het heel erg naar ons zin, die middag. Het voelt alsof je lekker met je rug tegen de keukenradiator aan hebt geleund. Opperste verwennerij.

Het eten is heerlijk. De bestellingen lopen van salades met garnalen, vis en nog veel meer lekkers tot aan twee kroketten met friet [Las en Ruud]. Ook heel lekker. Zeker als je je realiseert dat Ruud vandaag voor het eerst weer eens een kroket heeft gegeten. Een inmiddels bekend heimwee-artikel.

Wat een mooie traditie is dit. Eén keer per jaar bij elkaar komen, lekker eten, even met zijn allen bij elkaar zijn en daarna gaat ieder weer zijns weegs. Deze keer houdt ma een leuke toespraak. Zonder leesbril en vrijwel zonder fouten brengt ze hem ten gehore. Ongelooflijk, wat goed. Hier kan Barak O. nog een puntje aan zuigen.

We nemen afscheid van elkaar. Ma staat bij de uitgang iedereen op te wachten. Als ware het een receptie. Iedereen krijgt een zoen en de beste wensen van haar. Maar wie wie is, dat is geen gesneden koek meer.

Jarige oma met haar achterkleinkind van net 14 dagen  Jarige en trotse oma

Gefeliciteerd ma met uw 86-ste verjaardag [en met uw achterkleinkind van net twee weken]! En …we hebben met zijn allen voor haar gezongen.

Vanavond maar eens bellen.
“Hoe gaat het ma?”
“Goeoeoed”.

Zesentachtig, da’s niet mis.

Dit bericht is geplaatst in Familie, Politiek. Bookmark de permalink.